Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. bevalligheid:
  2. bevallig:
  3. Wiktionary:


Niederländisch

Detailübersetzungen für bevalligheid (Niederländisch) ins Schwedisch

bevalligheid:

bevalligheid [de ~ (v)] Nomen

  1. de bevalligheid (bekoorlijkheid)
    vänlighet

Übersetzung Matrix für bevalligheid:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
vänlighet bekoorlijkheid; bevalligheid aardigheid; goedmoedigheid; hartelijkheid; jovialiteit; liefheid; lieflijkheid; lieftalligheid; vriendelijkheid; vriendschappelijkheid; zachtaardigheid; zoetheid

Verwandte Wörter für "bevalligheid":


bevallig:

bevallig Adjektiv

  1. bevallig (charmant; aardig; prettig)
  2. bevallig (bekoorlijk; mooi; aantrekkelijk; )
    trevligt; älskvärt; ljuvt; intagande; ljuv; attraktiv
  3. bevallig (mooi; knap; schoon; welgemaakt)
    söt; sött; snyggt; vackert; attraktiv; attraktivt
  4. bevallig (lief)
    älskade; kärt
  5. bevallig (aanvallig; gracieus; sierlijk)

Übersetzung Matrix für bevallig:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
intagande inhalen; naar binnen halen
älskade beminde; duifje; geliefde; hartje; liefje; liefste; lieve; poepje; prijzen; roemen; schat; schatje; schattebout; schatteboutje; scheetje; snoes; troetels; verheerlijken; vriendin
ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
attraktiv aanlokkelijk; aantrekkelijk; attractief; bekoorlijk; bevallig; charmant; knap; mooi; schoon; welgemaakt aanbiddelijk; aanlokkelijk; aantrekkelijk; attractief; begeerenswaardig; bekoorlijk; charmant; oogstrelend; schattig; uitlokkend; uitnodigend; verlokkend; verrukkelijk; verzoekend
attraktivt bevallig; knap; mooi; schoon; welgemaakt aanbiddelijk; aanlokkelijk; aantrekkelijk; attractief; begeerenswaardig; bekoorlijk; charmant; oogstrelend; schattig; uitlokkend; uitnodigend; verleidelijk; verlokkend; verrukkelijk; verzoekend
bedårande aardig; bevallig; charmant; prettig heerlijk; mieters; verrukkelijk; zalig
behagligt aanvallig; bevallig; gracieus; sierlijk aangenaam; behaaglijk; comfortabel; draagbaar; fijn; gemakkelijk; geriefelijk; gerieflijk; goedzittend; jofel; lekker; leuk; plezant; plezierig; poeslief; prettig; senang
charmerande aardig; bevallig; charmant; prettig beheksend; betoverend; lieflijk
intagande aanlokkelijk; aantrekkelijk; aanvallig; attractief; bekoorlijk; bevallig; charmant; gracieus; knap; mooi; sierlijk
kärt bevallig; lief bits; geliefkoosd; gestreeld uit liefde; kattig; onvriendelijk; pinnig; snauwerig; snibbig; spinnig; verkikkerd; verliefd; vinnig; weledele
ljuv aanlokkelijk; aantrekkelijk; attractief; bekoorlijk; bevallig; charmant; knap; mooi
ljuvt aanlokkelijk; aantrekkelijk; attractief; bekoorlijk; bevallig; charmant; knap; mooi
smakfull aanvallig; bevallig; gracieus; sierlijk
smakfullt aanvallig; bevallig; gracieus; sierlijk chic; elegant; esthetisch; geraffineerd; modieuze verfijning; smaakvol; stijlvol; verfijnd
snyggt bevallig; knap; mooi; schoon; welgemaakt attractief; beeldschoon; fraai; gelikt; goed ogend; knap; leuk om te zien; leuk van uiterlijk; mooi; picobello; piekfijn; tiptop; welgevallig
söt bevallig; knap; mooi; schoon; welgemaakt geestig; geinig; grappig; koddig; komiek; komisch; lachwekkend; leuk; lollig; suikerachtig; suikerig; zoet; zoetsmakend
sött bevallig; knap; mooi; schoon; welgemaakt elegant; geestig; geinig; gracieus; grappig; koddig; komiek; komisch; lachwekkend; leuk; lieflijk; lollig; sierlijk; suikerachtig; suikerig; zoet; zoetig; zoetsmakend
trevligt aanlokkelijk; aantrekkelijk; attractief; bekoorlijk; bevallig; charmant; knap; mooi aangenaam; behaaglijk; betoverend; comfortabel; fijn; gemakkelijk; genietbaar; geriefelijk; heugelijk; heuglijk; jofel; lekker; leuk; luisterrijk; magnifiek; menswaardig; plezant; plezierig; prachtig; prettig; schitterend; te genieten; verblijdend
vackert bevallig; knap; mooi; schoon; welgemaakt attractief; fraai; goed ogend; knap; lieftallig; mooi; welgevallig
älskade bevallig; lief
älskvärd aanvallig; bevallig; gracieus; sierlijk aimabel; bekoorlijk; beminnelijk; charmant; lief
älskvärt aanlokkelijk; aantrekkelijk; aanvallig; attractief; bekoorlijk; bevallig; charmant; gracieus; knap; mooi; sierlijk aimabel; bekoorlijk; beminnelijk; charmant; genegenheid opwekkend; innemend; lief; minzaam; poeslief

Verwandte Wörter für "bevallig":


Wiktionary Übersetzungen für bevallig:


Cross Translation:
FromToVia
bevallig fager fair — pretty or attractive
bevallig behagfull mignon — Qui, dans son apparence menue, offre de la grâce et de la gentillesse