Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. partij:
  2. Wiktionary:


Niederländisch

Detailübersetzungen für partij (Niederländisch) ins Schwedisch

partij:

partij [de ~ (v)] Nomen

  1. de partij (wedstrijd; concours; strijd; pot)
    förehavande; tävling; spel; match; kamp
  2. de partij (team; ploeg)
    lag; grupp; gäng
  3. de partij (hoeveelheid)
    mängd
  4. de partij (bepaalde hoeveelheid)
  5. de partij (feest; party; festijn; partijtje)
    tillställning; fest
  6. de partij (politieke partij; factie)
  7. de partij (voetbalwedstrijd; voetbalspel)

partij

  1. partij
    parti

Übersetzung Matrix für partij:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
fest feest; festijn; partij; partijtje; party banket; ceremonie; feest; feestavond; feestdiner; feestelijkheid; feestje; feestmaal; feestviering; festiviteit; onthaal; ontvangst; party; smulpartij; viering
fotbollsmatch partij; voetbalspel; voetbalwedstrijd
förehavande concours; partij; pot; strijd; wedstrijd
grupp partij; ploeg; team aantal personen bijeen; blaaskapel; categorie; classificatie; community; distributiegroep; distributielijst; drom; factie; fanfare; fanfarekorps; gemeente; gezelschap; groep; groep mensen; groepering; harmonie; horde; kapel; kernploeg; klasse; kudde; massa; muziekkorps; schaar; schare; suite; troep; werkgroep
gäng partij; ploeg; team bende; drom; groep jongeren; hoop; horde; massa; menigte; meute; schare; troep
kamp concours; partij; pot; strijd; wedstrijd gevecht; geworstel; kamp; strijd; worsteling
lag partij; ploeg; team elf; elftal; equipe; wet
match concours; partij; pot; strijd; wedstrijd match
mängd hoeveelheid; partij aantal; aggregatie; berg; collectie; hoeveelheid; hoop; kluit; kwantiteit
parti partij manche
politiskt parti factie; partij; politieke partij
spel concours; partij; pot; strijd; wedstrijd Gambling; beurt; game; matches; partijtje; potje; rondje; set; spel; spelletje; wedstrijdje
tillställning feest; festijn; partij; partijtje; party
tävling concours; partij; pot; strijd; wedstrijd competitie; hardloperij; prijsvraag; race; wedloop van hardlopers
vis summa bepaalde hoeveelheid; partij
- feest

Verwandte Wörter für "partij":


Synonyms for "partij":


Verwandte Definitionen für "partij":

  1. bijeenkomst van mensen die iets vieren1
    • ben je niet uitgenodigd voor dat partijtje?1
  2. groep mensen met dezelfde ideeën of belangen1
    • hij is lid van een politieke partij1
  3. onbepaalde hoeveelheid of voorraad1
    • hij heeft een hele partij koffie gekocht1
  4. één stem of instrument in een muziekstuk1
    • ze zong haar partij met veel gevoel1

Wiktionary Übersetzungen für partij:


Cross Translation:
FromToVia
partij parti party — political group

Verwandte Übersetzungen für partij