Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. afstevenen:


Niederländisch

Detailübersetzungen für afstevenen (Niederländisch) ins Schwedisch

afstevenen:

afstevenen Verb (steven af, stevent af, stevende af, stevenden af, afgestevend)

  1. afstevenen
    styra mot; rycka fram mot
    • styra mot Verb (styr mot, styrde mot, styrt mot)
    • rycka fram mot Verb (rycker fram mot, ryckte fram mot, ryckt fram mot)

Konjugationen für afstevenen:

o.t.t.
  1. steven af
  2. stevent af
  3. stevent af
  4. stevenen af
  5. stevenen af
  6. stevenen af
o.v.t.
  1. stevende af
  2. stevende af
  3. stevende af
  4. stevenden af
  5. stevenden af
  6. stevenden af
v.t.t.
  1. ben afgestevend
  2. bent afgestevend
  3. is afgestevend
  4. zijn afgestevend
  5. zijn afgestevend
  6. zijn afgestevend
v.v.t.
  1. was afgestevend
  2. was afgestevend
  3. was afgestevend
  4. waren afgestevend
  5. waren afgestevend
  6. waren afgestevend
o.t.t.t.
  1. zal afstevenen
  2. zult afstevenen
  3. zal afstevenen
  4. zullen afstevenen
  5. zullen afstevenen
  6. zullen afstevenen
o.v.t.t.
  1. zou afstevenen
  2. zou afstevenen
  3. zou afstevenen
  4. zouden afstevenen
  5. zouden afstevenen
  6. zouden afstevenen
diversen
  1. steven af!
  2. stevent af!
  3. afgestevend
  4. afstevende
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Übersetzung Matrix für afstevenen:

VerbVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
rycka fram mot afstevenen
styra mot afstevenen aflopen; koers zetten naar; stevenen; vervoegen; zich begeven naar

Verwandte Übersetzungen für afstevenen