Übersicht
Niederländisch Synonyms:   mehr Daten
  1. vergallen:


Niederländisch

Detailed Synonyms for vergallen in Niederländisch

vergallen:

vergallen Verb (vergal, vergalt, vergalde, vergalden, vergald)

  1. vergallen
    bederven; verpesten; vergallen; verknoeien
    • bederven Verb (bederf, bederft, bedierf, bedierven, bedorven)
    • verpesten Verb (verpest, verpestte, verpestten, verpest)
    • vergallen Verb (vergal, vergalt, vergalde, vergalden, vergald)
    • verknoeien Verb (verknoei, verknoeit, verknoeide, verknoeiden, verknoeid)

Konjugationen für vergallen:

o.t.t.
  1. vergal
  2. vergalt
  3. vergalt
  4. vergallen
  5. vergallen
  6. vergallen
o.v.t.
  1. vergalde
  2. vergalde
  3. vergalde
  4. vergalden
  5. vergalden
  6. vergalden
v.t.t.
  1. heb vergald
  2. hebt vergald
  3. heeft vergald
  4. hebben vergald
  5. hebben vergald
  6. hebben vergald
v.v.t.
  1. had vergald
  2. had vergald
  3. had vergald
  4. hadden vergald
  5. hadden vergald
  6. hadden vergald
o.t.t.t.
  1. zal vergallen
  2. zult vergallen
  3. zal vergallen
  4. zullen vergallen
  5. zullen vergallen
  6. zullen vergallen
o.v.t.t.
  1. zou vergallen
  2. zou vergallen
  3. zou vergallen
  4. zouden vergallen
  5. zouden vergallen
  6. zouden vergallen
diversen
  1. vergal!
  2. vergalt!
  3. vergald
  4. vergallend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Related Synonyms for vergallen