Übersicht
Niederländisch nach Deutsch:   mehr Daten
  1. drabbigheid:
  2. drabbig:


Niederländisch

Detailübersetzungen für drabbigheid (Niederländisch) ins Deutsch

drabbigheid:

drabbigheid [znw.] Nomen

  1. drabbigheid
    die Schlammigkeit

Übersetzung Matrix für drabbigheid:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
Schlammigkeit drabbigheid

Verwandte Wörter für "drabbigheid":


drabbigheid form of drabbig:

drabbig Adjektiv

  1. drabbig (troebel; onzuiver; troebelachtig)
    trübe; trüb
  2. drabbig (troebel; onzuiver; troebelachtig)
    trübe; schlammig; trüb
  3. drabbig (slibachtig; modderig; drassig; )
    schlammig; sumpfig; trübe; tonig; lehmig

Übersetzung Matrix für drabbig:

ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
lehmig baggerig; drabbig; drassig; modderig; pruttig; slibachtig; slibberig; slijkerig grondachtig; kleiachtig; leemachtig; lemen
schlammig baggerig; drabbig; drassig; modderig; onzuiver; pruttig; slibachtig; slibberig; slijkerig; troebel; troebelachtig grondachtig; leemachtig; morsig; ranzig; slonzig; slordig; smerig; vies; viezig; voddig; vuil; vunzig
sumpfig baggerig; drabbig; drassig; modderig; pruttig; slibachtig; slibberig; slijkerig drassig; moerassig
tonig baggerig; drabbig; drassig; modderig; pruttig; slibachtig; slibberig; slijkerig grondachtig; leemachtig
trüb drabbig; onzuiver; troebel; troebelachtig bedroefd; beslagen; dof; donker; droef; droevig; druilerig; duister; flauw; glansloos; kommervol; mat; met neerslag; miezerig; mistig; naargeestig; nat; nevelachtig; niet duidelijk; niet helder; onduidelijk; onhelder; onklaar; onverlicht; regenachtig; rouwig; somber; treurig; triest; troebel; troosteloos; vaag; vaag zichtbaar; vagelijk; verdrietig; vol met zorgen; wazig; wollig; zwaarmoedig
trübe baggerig; drabbig; drassig; modderig; onzuiver; pruttig; slibachtig; slibberig; slijkerig; troebel; troebelachtig beslagen; dof; donker; druilerig; duister; flauw; glansloos; mat; met neerslag; miezerig; mistig; morsig; nat; nevelachtig; niet duidelijk; niet helder; onduidelijk; onhelder; onklaar; onverlicht; ranzig; regenachtig; rouwig; slonzig; slordig; smerig; treurig; troebel; vaag; vaag zichtbaar; vagelijk; verdrietig; vies; viezig; voddig; vuil; vunzig; wazig; wollig

Verwandte Wörter für "drabbig":