Niederländisch
Detailübersetzungen für pakken von Niederländische ins Französisch
pakken:
-
pakken (halen)
obtenir; aller chercher; gagner; acquérir; se procurer-
obtenir Verb
-
aller chercher Verb
-
gagner Verb
-
acquérir Verb
-
se procurer Verb
-
-
pakken (grijpen; vangen; verstrikken; vatten; klauwen)
prendre; saisir; entendre; attraper; prendre au piège; pincer; s'emparer de-
prendre Verb
-
saisir Verb
-
entendre Verb
-
attraper Verb
-
prendre au piège Verb
-
pincer Verb
-
s'emparer de Verb
-
-
pakken (nemen)
Conjugations for pakken:
o.t.t.
- pak
- pakt
- pakt
- pakken
- pakken
- pakken
o.v.t.
- pakte
- pakte
- pakte
- pakten
- pakten
- pakten
v.t.t.
- heb gepakt
- hebt gepakt
- heeft gepakt
- hebben gepakt
- hebben gepakt
- hebben gepakt
v.v.t.
- had gepakt
- had gepakt
- had gepakt
- hadden gepakt
- hadden gepakt
- hadden gepakt
o.t.t.t.
- zal pakken
- zult pakken
- zal pakken
- zullen pakken
- zullen pakken
- zullen pakken
o.v.t.t.
- zou pakken
- zou pakken
- zou pakken
- zouden pakken
- zouden pakken
- zouden pakken
en verder
- ben gepakt
- bent gepakt
- is gepakt
- zijn gepakt
- zijn gepakt
- zijn gepakt
diversen
- pak!
- pakt!
- gepakt
- pakkend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het/u, 4. we. 5. jullie/u, 6. zij/ze
Related Words for "pakken":
Synonyms for "pakken":
Antonyms for "pakken":
Related Definitions for "pakken":
pakken form of pak:
-
de pak (kostuum; maatpak)
-
de pak (baal)
-
de pak (herenkostuum)
Related Words for "pak":
Synonyms for "pak":
Related Definitions for "pak":
Computerübersetzung von Drittern:
Images: