Niederländisch
Detailübersetzungen für bemoedigen von Niederländische ins Französisch
bemoedigen:
-
bemoedigen (opbeuren)
-
bemoedigen (troosten; ondersteunen; vertroosten; opbeuren)
appuyer; soutenir; soulager; consoler; réconforter; remonter le moral; apaiser; aider; collaborer-
appuyer Verb
-
soutenir Verb
-
soulager Verb
-
consoler Verb
-
réconforter Verb
-
remonter le moral Verb
-
apaiser Verb
-
aider Verb
-
collaborer Verb
-
-
bemoedigen (aanmoedigen; aanvuren; toemoedigen; stimuleren)
encourager; inciter; applaudir; animer; exciter; activer; attiser; ranimer; acclamer; stimuler; aviver; aiguillonner; ovationner; tisonner; exciter à-
encourager Verb
-
inciter Verb
-
applaudir Verb
-
animer Verb
-
exciter Verb
-
activer Verb
-
attiser Verb
-
ranimer Verb
-
acclamer Verb
-
stimuler Verb
-
aviver Verb
-
aiguillonner Verb
-
ovationner Verb
-
tisonner Verb
-
exciter à Verb
-
Conjugations for bemoedigen:
o.t.t.
- bemoedig
- bemoedigt
- bemoedigt
- bemoedigen
- bemoedigen
- bemoedigen
o.v.t.
- bemoedigde
- bemoedigde
- bemoedigde
- bemoedigden
- bemoedigden
- bemoedigden
v.t.t.
- heb bemoedigd
- hebt bemoedigd
- heeft bemoedigd
- hebben bemoedigd
- hebben bemoedigd
- hebben bemoedigd
v.v.t.
- had bemoedigd
- had bemoedigd
- had bemoedigd
- hadden bemoedigd
- hadden bemoedigd
- hadden bemoedigd
o.t.t.t.
- zal bemoedigen
- zult bemoedigen
- zal bemoedigen
- zullen bemoedigen
- zullen bemoedigen
- zullen bemoedigen
o.v.t.t.
- zou bemoedigen
- zou bemoedigen
- zou bemoedigen
- zouden bemoedigen
- zouden bemoedigen
- zouden bemoedigen
diversen
- bemoedig!
- bemoedigt!
- bemoedigd
- bemoedigend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het/u, 4. we. 5. jullie/u, 6. zij/ze
Computerübersetzung von Drittern:
Images: