Inhalt
Niederländisch nach Deutsch:   mehr Daten
  1. krijgen:

Remove Ads

Niederländisch

Detailübersetzungen für krijgen von Niederländische ins Deutsch

krijgen:

krijgen Verb (krijg, krijgt, kreeg, kregen, gekregen)

  1. krijgen (in ontvangst nemen; ontvangen; opstrijken)
    empfangen; bekommen; erhalten; in Empfang nehmen; entgegenehmen; annehmen; hinnehmen
    • empfangen Verb (empfange, empfängst, empfängt, empfing, empfingt, empfangen)
    • bekommen Verb (bekomme, bekommst, bekommt, bekam, bekamt, bekommen)
    • erhalten Verb (erhalte, erhältst, erhält, erhielt, erhieltet, erhalten)
    • annehmen Verb (nehme an, nimmst an, nimmt an, nahm an, nahmt an, angenommen)
    • hinnehmen Verb (nehme hin, nimmst hin, nimmt hin, nahm hin, nahmt hin, hingenommen)

Conjugations for krijgen:

o.t.t.
  1. krijg
  2. krijgt
  3. krijgt
  4. krijgen
  5. krijgen
  6. krijgen
o.v.t.
  1. kreeg
  2. kreeg
  3. kreeg
  4. kregen
  5. kregen
  6. kregen
v.t.t.
  1. heb gekregen
  2. hebt gekregen
  3. heeft gekregen
  4. hebben gekregen
  5. hebben gekregen
  6. hebben gekregen
v.v.t.
  1. had gekregen
  2. had gekregen
  3. had gekregen
  4. hadden gekregen
  5. hadden gekregen
  6. hadden gekregen
o.t.t.t.
  1. zal krijgen
  2. zult krijgen
  3. zal krijgen
  4. zullen krijgen
  5. zullen krijgen
  6. zullen krijgen
o.v.t.t.
  1. zou krijgen
  2. zou krijgen
  3. zou krijgen
  4. zouden krijgen
  5. zouden krijgen
  6. zouden krijgen
diversen
  1. krijg!
  2. krijgt!
  3. gekregen
  4. krijgend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het/u, 4. we. 5. jullie/u, 6. zij/ze

Related Words for "krijgen":

  • krijg

Synonyms for "krijgen":


Antonyms for "krijgen":


Related Definitions for "krijgen":

  1. in het bezit ervan komen1
    • ik kreeg een fiets van Johan1

krijg:


Related Words for "krijg":


Computerübersetzung von Drittern:
Images:

Related Translations for krijgen



Remove Ads

Remove Ads