Remove Ads

Spanisch

Detailübersetzungen für placer von Spanische ins Niederländisch

placer:

placer [el ~] Nomen

  1. el placer (satisfacción; gusto)
    het genoegen; het plezier; de aardigheid
  2. el placer (goce; usufructo; deleite)
    het genot; de geneugte
    genieten
    – er plezier aan beleven 1
    • genieten [znw.] Nomen
      • we hebben erg genoten van die muziek1
  3. el placer (alegría; diversión; gusto; )
    het plezier; het genoegen; de pret; het genot; de lust; de leut; de jool
  4. el placer (diversión; gusto; alegría; )
    het plezier; de pret; de lol; de jolijt; de gein; de leut; de keet
  5. el placer (chistosidad; gozo; gusto; )
    de leukheid
  6. el placer (alegría; gozo; buen humor; )
    de vrolijkheid; de blijmoedigheid; de blijheid; de opgewektheid
  7. el placer (gusto)
    de schik
  8. el placer (gusto; ventura; felicidad; )
    het welgevallen
  9. el placer (satisfacción; gusto; consentimiento; aprobación; bienestar)
    het genoegen; de tevredenheid; content

Synonyms for "placer":


Computerübersetzung von Drittern:
Images:

Related Translations for placer



Remove Ads

Remove Ads